To boycot or not to boycot?
02/04/2009
Op de gemeenteraad van Beersel woensdagavond diende N-VA een motie in met de oproep om de Europese verkiezingen van 7 juni dit jaar te boycotten. In tegenstelling tot de Vlaamse verkiezingen diezelfde dag, geldt voor Europa wel de onlogische en tevens niet-grondwettelijke kieskring Brussel-Halle-Vilvoorde.
Hoewel Groen! achter die eis om een correcte splitsing van de kieskring BHV staat, steunde de Groen!-SP.a fractie in de gemeenteraad deze motie niet.
Een boycot is in onze ogen een puur campagnemiddel voor enkele partijen, die zich hiermee stoer kunnen voordoen. De verkiezingen worden zowieso georganiseerd. Is het niet door de gemeente, dan wel door de provincie.
Maar dit is hypocriet. Hoewel deze partijen oproepen tot een boycot, hopen die partijen in die kieskring wel veel stemmen te halen en voeren ze wel volop campagne.
Ook halen we onze eigen sterkte in het dossier van het niet benoemen van de 3 FDF-burgemeesters in de Vlaamse rand onderuit. Hoe kan je immers een sanctie indienen tegen burgemeesters die kiesbrieven in het Frans versturen, maar geen straf opleggen aan burgemeesters die weigeren kiesbrieven te versturen?
De fractie Groen!-Sp.a onthield zich daarom in de gemeenteraad bij de stemming van de boycot van de verkiezingen, maar diende nadien een extra motie in met symbolische en meer consequente acties. Deze amendementen werden goedgekeurd door de meerderheid (CD&V, N-VA, SP.a en Groen!)
Op onze vraag zullen er zo geen verkiezingspanelen geplaatst worden door de gemeente voor de Europese verkiezingen. Zo zijn we consequent in onze houding.
Verder moet de gemeente aandringen bij de politieke partijen de campagne in Beersel in het Nederlands te voeren.
Lees het Groen!-amendement op www.groenbeersel.be
Lokaal
25/03/2009
In het gronden- en pandendecreet wordt opnieuw een beslissing genomen boven de hoofden van de gemeenten heen. Een decreet dat nochtans grotendeels door hen moet worden uitgevoerd. Nochtans, een goed decreet, daar niet van. Door deze maatregel wordt er immers terug volop geïnvesteerd in sociale woningen. Bovendien wil men in verschillende gemeenten de huizennood aanpakken door voorrang te geven aan mensen met een band met die bepaalde gemeente. Zo zou dit decreet voorrang geven aan mensen die er al woonden of werken.
Maar het gaat over de manier waarop.
De Vlaamse Regering beschouwt de lokale besturen als haar uitvoerend orgaan. Gemeenten moeten met steeds minder middelen steeds meer verwezenlijken. Hoewel ze meer taken krijgen, is hun vrijheid sterk ingeperkt. Door de hoge planlast (jaarlijkse, 3-jaarlijkse en 6-jaarlijkse beleidsplannen voor elk bevoegdheidsdomein), de te lage werkingsmiddelen en de bestuurlijke druk van de Vlaamse regering op de gemeenten is eigen initiatief nemen in dossiers enorm bemoeilijkt.
Lokale besturen zijn nochtans een enorm interessant politiek medium. Als het orgaan dat het dichtste bij de mensen staat, is het mogelijk mensen te betrekken in besluitvorming en maatwerk te bieden voor wijken en individuele burgers.
Vandaar volgende voorstellen om de bestuurlijke vrijheid van de gemeenten te vergroten:
Schaf de provincies af. Deze oude instellingen hebben geen nut meer. We hebben echter wel meer nood aan samenwerking tussen gemeenten. Daarvoor zouden we stad- en streekgewesten kunnen creëren.
Deze stad- en streekgewesten worden samengesteld door de gemeenten en steden zelf. Zij tekenen zelf uit met welke buurgemeenten en -steden ze samenwerken en welke bevoegdheden en middelen ze daar naar overdragen. Deze streekgewesten vormen meteen ook één politie en brandweerzone. Streekgewesten worden gevormd door afvaardigingen van schepenen en gemeenteraadsleden van elke gemeente.
Door deze van onderuit te organiseren versterk je de autonomie van de gemeenten.
De Vlaamse regering zou gerichte bevoegdheden kunnen overdragen naar deze streekgewesten. Geef bijvoorbeeld deze streekgewesten inspraak in de mobiliteit van hun gemeenten. Laat hen meebeslissen over het openbaar vervoer in hun regio en laat hen samen grensoverschrijdende mobiliteitsproblemen oplossen op gewest- en andere wegen.
Ook huisvestingsmaatschappijen zouden geherstructureerd kunnen worden en samenvallen met deze “nieuwe streekgrenzen”. Wanneer OCMW’s over deze gemeentegrenzen ook samenwerken, kan er tussen deze laatste en de huisvestingsmaatschappijen meer wederzijds gewerkt worden.
Zo bestaan er voor verschillende bevoegdheidsdomeinen verschillende speciaal gecreëerde tussenorganen die via deze weg echt geïnstitutionaliseerd en democratisch gecontroleerd kunnen worden.
Schaf zo bijvoorbeeld ook de Intercommunales af. Deze schimmige constructies hebben geen democratische controle en zijn vaak meer bedoeld om zitpenningen op te strijken dan om efficiënt te werken. De taken van deze Intercommunales kunnen worden overgenomen door deze Streekgewesten.
We moeten dan ook gaan voor het vergroten van de financiële middelen van de gemeenten.
De eenmalige schuldenafbouw die vorig jaar door de regering werd voorgesteld, moet vanaf nu jaarlijks herhaald worden. Zo hebben gemeenten minder schuldenlasten en meer werkingsmiddelen om zelf meer initiatieven te ontwikkelen.
Ook moet de grote planlast worden verminderd. Decreten laten uitvoeren door gemeenten kan, maar dan moeten deze betrokken worden in de opstelling ervan en moeten er voldoende financiële middelen volgen. Er moet vaker worden afgewogen of men de regel van de subsidiariteit (een bevoegdheid moet liggen bij het niveau die het best geplaatst is om dat te regelen) niet doorbreekt en of de gemeenten dus niet evengoed of beter in een bepaald dossier een beslissing kunnen nemen.
Gemeenten moeten gestimuleerd worden om te experimenteren met burgerparticipatie en wijkwerking. De scheiding tussen gemeenteraad en schepencollege, door schepenen niet meer stemgerechtigd te laten zetelen in de gemeenteraad en de gemeenteraad door een gemeenteraadslid te laten voorzitten, kan de professionalisering en democratische controle van de gemeenteraad aanscherpen.
Er moet iets veranderen op het niveau van de gemeenten, anders zal dit meest democratische besluitorgaan doodbloeden aan gebrek aan interesse, ambitie en mogelijkheden.


