Pieter Marechal (Voorzitter Jong CD&V) kaart in zijn opiniestuk op deredactie.be van 9 maart terecht aan dat de energiekosten de pan uitswingen.

Hij denkt echter dat dit gemakkelijk op te lossen valt door te kiezen voor dezelfde energieproductie die de oorzaak is van de stijgende energiekosten. Hij pleit zelfs voor de bouw van een nieuwe kerncentrale. Nieuwe kerncentrales zijn geen duurzame oplossing, noch om het klimaatprobleem op te lossen, noch op economisch vlak.

Marechal hypothekeert met dit onrealistische ideetje onze én de volgende generaties. Nochtans schrijft Marechal in verschillende opiniestukken op deze website, maar ook bijvoorbeeld in De Morgen (12/1/2011) “Indien we de toekomst van de jongeren van vandaag, maar vooral ook van de toekomstige generaties, niet volledig willen hypothekeren, dan moeten we ingrijpen” Deze mooie woorden van Maréchal tijdens zijn campagne om jongerenvoorzitter van de CD&V te worden, blijken nu een lege doos te zijn.

Kernenergie is het voorbeeld bij uitstek wanneer we spreken over het belasten van toekomstige generaties. Kernenergie is geen duurzame oplossing. Uranium is geen onuitputtelijke grondstof en voor het kernafval is nog steeds geen oplossing. Tegenwoordig kost het opslaan van kernafval al meer dan 8 miljard. En ondanks decennialang wereldwijd onderzoek en miljarden euro’s aan fondsen heeft niemand een oplossing gevonden om hoogactieve stoffen gedurende een miljoen jaar of meer veilig op te bergen. In België zoekt men in kleilagen, in Duitsland in zoutlagen, in Zweden graaft men tunnels in de rotslagen onder de zeebodem, in de VS graaft men tunnels in de granietlagen van de Rocky Mountains,… Allemaal zonder resultaat.

Waar we ons ook enorm aan storen in het voorstel van Jong CD&V, is dat ze naast hun gebrekkige langetermijnvisie er ook vierkant draaiende economische redeneringen op na houden. Jong CD&V blaast warm en koud tegelijk. Enerzijds trekken ze volledig de kaart van hernieuwbare energie terwijl ze anderzijds miljarden willen investeren in een nieuwe kerncentrale. Ook de redenering dat de bouw van een nieuwe kerncentrale een tussenoplossing is op korte termijn, houdt weinig steek. Laat staan dat het nu een antwoord zou kunnen bieden op de hoge energieprijzen. De bouw van een nieuwe centrale duurt gemakkelijk meer dan 10 jaar.

Bovendien denkt Marechal door de bouw van een nieuwe kerncentrale en de verlenging van het openhouden van de oude kerncentrales de monopoliepositie van Electrabel te doorbreken. Dit is te gek voor woorden. De regering waar Marechal’s moederpartij deel van uitmaakt, gooide het net op akkoordjes samen met Electrabel. Hierbij kochten ze een nucleaire taks af met de verlenging van de duur van de kerncentrales. GDF Suez, de moederholding van Electrabel verkoopt in onze buurlanden de energie goedkoop. Maar hier in België waar Electrabel een monopoliepositie bezit worden de prijzen kunstmatig hoog gehouden. De federale regering durft dan niet eens een taks te heffen om de onrechtmatige winsten van Electrabel af te romen. In tegendeel, Electrabel krijgt met de notionele intrestaftrek en andere constructies enorme kortingen op haar factuur aan de fiscus. Enkel door energieproductie te decentraliseren, door in te zetten op kleinschalige en duurzame energieprojecten kan men deze enorme macht van Electrabel doorbreken.

Kernenergie als de wissel op de toekomst voorstellen is de mensen blaasjes wijsmaken. Bovendien zou een nieuw nucleair tijdperk een ferme tik betekenen voor de vele ondernemers die vandaag actief zijn in de hernieuwbare energie. Een hoog percentage van energiewinning door kernenergie is immers een gevaar voor de investeringen in duurzame energie. Om een relevant voorbeeld te geven, gasleverancier Essent wou in Genk een gasgestookte elektriciteitscentrale bouwen. We jaagden Essent echter weg door de onzekerheid over de kernuitstap. Dat was een investering van 500 miljoen, die niet doorging omdat het “investeringsklimaat” niet goed was.

Marechal praat al maanden over hoe onze generatie, de zogenaamde Millennials, voor vernieuwende en langetermijnoplossingen moet durven pleiten. ‘Doemdenken is geen eigenschap van de Millennial generatie’ (Marechal in De Morgen, 12/1/2011). Maar Marechal gedraagt zich momenteel als een angstige Nucleannial. Jonge politici die vandaag willen opkomen voor onze generatie én de volgende moeten moedige, toekomstgerichte oplossingen naar voor schuiven. We moeten keuzes durven maken. Ofwel kiest men voor een groene toekomst, ofwel houdt men vast aan concepten van het verleden. Jong Groen! kiest alvast resoluut voor het eerste.

Loes Van Cleemput, ondervoorzitster Jong Groen! en Maarten Motté, bestuurslid Jong Groen!

We staan voor belangrijke verkiezingen. De komende Vlaamse regering zal dringende en belangrijke keuzes moeten maken.

Gaan we voor meer megalomane betonprojecten zoals meer bedrijventerreinen en een uitbreiding van de Ring in de groene rand rond Brussel zoals de Vlaamse regering wil of kiezen we voor duurzame investeringen in groene mobiliteit en groene energie?

Lossen we de crisis op met oude projecten uit het verleden zoals de traditionele partijen willen of kiezen we voor een groene economie die echt jobs oplevert?

Verpakken we ons beleid met een groen sausje of zoeken we echt oplossingen voor de klimaatcrisis?

Blijven we rondhollen in onze samenleving waar stress de bovenhand haalt, of kiezen we voor de kwaliteit van het leven?

Dat zijn voor Groen! de speerpunten van deze verkiezingen.

Groen! ziet de crisis als een historische kans om de zaken helemaal anders aan te pakken en om op grote schaal nieuwe jobs te creëren, om ons milieu schoner te maken en meer ontspannen te gaan leven. We moeten het roer drastisch durven om te gooien. We hoeven dus niet bang te zijn voor de Groene Big Bang.

In deze tijd van crisissen, sociale, economische en ecologische, hebben mensen nood aan positieve verhalen. Groenen zijn geen doemdenkers. Wij geloven dat de uitdagingen waar we vandaag voor staan een kans zijn om de wereld radicaal om te draaien. Die uitdagingen zijn opportuniteiten om in te zien wat beter kan en anders moet.

Een Green New Deal, zoals alle Europese Groene partijen voorstellen is het middel om uit die drie crisissen te geraken. Door in te zetten op isolatie kunnen we de energiefactuur van de mensen laten dalen, jobs creëren en het energieverbruik doen dalen. In plaats van de automobielindustrie gewoon geld toe te stoppen, kunnen we hen aanmoedigen te kiezen voor groene innovatie. Daardoor komen er meer investeringen in onderzoek en ontwikkeling, krijgen we meer jobs en groenere wagens. Stel ook voorwaarden op aan de banken in plaats van zomaar geld te lenen, waarbij het voordeel zit voor de aandeelhouders en het risico bij de belastingbetaler.
Als we een groene economie willen is het nu of nooit! Andere Europese landen zijn reeds op de groene trein gesprongen en ook de Amerikaanse economie gaat nu de ecologische toer op. De knowhow is aanwezig, nu nog het inzicht en de ambitie om mee te spelen op wereldniveau.
Of simpel gesteld: gaan we straks windmolentechnologie exporteren, of blijft het bij importeren?

Laat ons afstappen van Kris Peeters’ plan om van België een logistiek doorvoerland te maken. Topeconomen zeggen duidelijk dat dit geen economische meerwaarde creeert en dus de economie van gisteren is. Kies voor minder beton, minder fijn stof, minder lawaai, minder files, minder afval, … Kies voor de economie van de toekomst en ga voor meer open ruimte, meer levenskwaliteit, meer kwalitatieve en duurzame jobs.

We moeten onze samenleving anders gaan organiseren. Een beter evenwicht tussen werk en gezin en een economie die rekening houdt met mens en milieu.

We willen een samenleving die goed is voor iedereen , niet enkel voor wie de juiste papieren bezit, voor wie een job heeft, voor wie Fortis-aandelen heeft, maar voor iedereen, zonder onderscheid.
We willen aandacht voor kwaliteit van leven. We willen de stress aanpakken die niet alleen onze kwaliteit van leven en gezondheid aantast, maar ook die van onze kinderen. Werk en gezin moeten beter te combineren vallen. Zorgbehoevenden moeten geholpen worden.
We zetten massaal in op een groene economie. Een economie die niet alleen het milieu respecteert, maar die ook duizenden jobs oplevert en zo onze economie opnieuw schoon doet draaien.

Daarom geef ik mijn stem op 7 juni vol overtuiging aan Groen!
Maar om Vlaanderen en Europa eindelijk in het verhaal van de toekomst te sturen, hebben we ook jouw steun nodig. Als jij op 7 juni ook voor de toekomst kiest, kunnen we een Groene Big Bang waarmaken. Dat is nodig, want de toekomst wil vooruit: we kunnen niet blijven stilstaan.

Stem op Groen! als je gelooft in een schonere toekomst voor jezelf, je kinderen en kleinkinderen en als je wil dat die groene economie er effectief komt!
Want hoe groen andere partijen ook beweren te zijn, als puntje bij paaltje komt, durven ze niet voluit te kiezen voor de ecologische oplossing.

Ik sta op de Vlaams-Brabantse Groen!e lijst voor de Vlaamse verkiezingen omdat ik als jongere volop mee het progressieve groene verhaal wil ondersteunen. Ik geloof volop in onze lijsttrekker Hermes Sanctorum en wil hem dan ook een flink duwtje in de rug geven.

Maarten Motté
3e opvolger Groen! Vlaams Brabant

In het tweede luik van “Wat wordt de inzet van de verkiezingen?” stel ik nu Europa voor als hét campagnethema.

Ik hoop met heel mijn hart dat de Europese Unie eindelijk een rol gaat spelen in de campagne van de politieke partijen. Europa is de instantie die zowat 70 % van alle Belgische wetgeving stuurt en vorm geeft. Europa is ook de instelling van de toekomst. De huidige economische, sociale en klimaatcrisissen tonen aan dat samenwerking tussen landen noodzakelijk is om zulke problemen de baas te kunnen en samen onze toekomst te vrijwaren.

Europa wordt tot nu toe door verschillende politici enkel gebruikt als schietschijf. Neemt Europa een goede maatregel, dan steken de ministers van de lidstaten die pluimen zelf op hun hoed. Is de nieuwe Europese richtlijn minder populair, dan schieten de nationale ministers die maatregel meteen af en schilderen ze de EU af als grote boeman.

Nochtans is de Europese Unie een prachtig project. Ooit begonnen als het beste mechanisme om oorlog te vermijden op het Europese vasteland is het nu uitgegroeid tot het instituut om volop samen de toekomst tegemoet te kunnen gaan. Om samen de grote problemen, zoals de opwarming van de aarde aan te pakken en volop te streven voor gelijke kansen en rechten voor iedereen in Europa.

In de media komt Europa nauwelijks aan bod. En dus interesseert het ook de Belgische en Vlaamse politici niet.
Behalve een enkele Verhofstadt durft geen enkele Vlaamse politicus volop zijn visie voor Europa duidelijk te maken. Want ja, door over Europa te praten win je geen stemmen.

Ook al liggen de Europese instellingen in Brussel, zelfs dan nog lijkt Europa onze politici maar matig te interesseren. Het is zelf zo erg dat uit een rapport van het VBO in 2007 bleek dat de Belgische ministers van alle ministers uit heel de Europese Unie het vaakst afwezig zijn op Europese Ministerraden (1/5 van de vergaderingen gebeurt zonder Belgische minister), wat nochtans een van de belangrijke medebeslissers is in de wetgevingsprocedure van de EU.
Normaal gezien moeten ministers verantwoording afleggen voor hun daden voor het parlement. Maar zo goed als nooit wordt een minister aangepakt over een standpunt dat hij vertegenwoordigde op een Europese Ministerraad.
En als onze politici nog niet eens geïnteresseerd zijn in Europa, waarom zouden de burgers er dan nog van wakker liggen?

Willen we het Europese project echt zien slagen, dan moet Europa het hart van de Europeanen veroveren. En dat kunnen we alleen maar allemaal samen doen. Door er allemaal over te praten en er volop in te geloven.

De Europese Unie heeft die aandacht immers nodig, zeker nu we voor zo’n cruciaal moment staan. De uitbreidingen zijn positief, maar mogen ook niet tot een verzwakking en onbestuurbaarheid van Europa leiden. De Grondwet voor Europa moet daarom een nieuwe adem vinden. Op het vlak van milieu en klimaat moeten dringend zware beslissingen genomen worden. Een echte Europese buitenlandse politiek moet geloofwaardig gemaakt worden. Een groot Europees defensiebeleid met een gezamenlijk Europees leger moet de weg naar de realiteit vinden. Een gemeenschappelijk asielbeleid moet de toekomst worden.
Zo zou de EU nog op veel andere domeinen een cruciale rol kunnen beginnen spelen.

Maar ze botsen op tegenstand van de steeds grotere groep van Eurosceptici en de steeds grotere kloof tussen de EU-instellingen en de burger. Ook in ons Vlaanderen groeien de Eurosceptische partijen zoals Lijst Dedecker en Vlaams Belang. De eerste met een ultraliberaal programma en een pleidooi dat nieuwe kerncentrales nodig zijn en de opwarming van de aarde een mythe is (met cijfers gebaseerd uit een studie van 1995). De laatste brengt Europa altijd in verband met de Islam en is daardoor tegen Europa. Begrijpe wie begrijpe kan.

Uiteraard moeten we ook kritische kantlijnen bij Europa durven trekken. Europa staat te ver van de burger af, wat meteen ook verklaart waarom Europa niet voldoende gedragen wordt door de burger. Mensen vrezen dat Europa hun lokale culturen wil veranderen en doen verdwijnen. Maar dat is onterecht.
Europa is sowieso te weinig sociaal. Terwijl dat net een grote opportuniteit is.

Op cruciale momenten haalt vaak ook het egocentrisme van verschillende lidstaten de bovenhand zodat de Europese Unie niet doortastend kan optreden. Een mooi voorbeeld is het optreden van de EU bij de financiële crisis. Net hier had Europa een grote rol kunnen spelen met een gemeenschappelijk plan om de economie terug op gang te brengen en volop te investeren in een groene economie. Die plannen en ideeën gaan ook rond in Europa. Maar neen, enkele grote landen beslisten er anders over en wilden eerder protectionistisch terug hun eigen beleid voeren. Een gemiste kans.

Europa mist ook nog te vaak kansen op het internationale toneel. Europa spreekt te weinig uit één mond bij grote conflicten en kan zo niet voldoende wegen op de wereldpolitiek, waardoor ze steeds meer wordt weggestoken door de Verenigde Staten en de nieuwe wereldmachten zoals China en Japan.

Kortom de komende verkiezingen moeten politici eerlijk durven zijn over waar zij met Europa naar toe willen. Groen! geeft alvast het goede voorbeeld. Met Bart Staes hebben wij, en dat wordt door vriend en vijand bevestigd, het beste Vlaamse Europarlementslid in huis.
Heel wat anders dan andere partijen (SP.a) waar hun beste Europarlementslid (Anne Van Lancker) moet wijken voor een kopstuk (Kathleen Van Brempt) . Ook anders dan LDD bijvoorbeeld wiens kopstuk (Jean-Marie Dedecker) zeker is dat hij niet gaat zetelen wanneer hij verkozen wordt. Ook anders dan bij CD&V wiens lijsttrekker (Jean-Luc Dehaene) openlijk in kranten verkondigt dat hij daar gaat zitten voor zijn partij, want dat hij zichzelf daar verveelt en geen zin heeft om zich met technische dossiers bezig te houden.

De lijstvorming voor Europa belooft dus al niet veel goeds te worden. Laat die kopstukken ons dan maar van het tegendeel getuigen dat ze wel iets waard zijn en wel bekommerd zijn om Europa.

Want de toekomst wil vooruit.
En daar hebben we de Europese Unie voor nodig.

De campagne schiet op gang. Al staan we nog zo’n kleine 100 dagen voor de verkiezingen. Het wordt nu al duidelijk waar de verkiezingen over zullen gaan.
Vooral de economische situatie zal voor veel kiezers een doorslaggevend thema zijn om te beslissen welke partij zij zullen steunen met hun stem.

In deze tijd van sociale, economische en ecologische crisissen, hebben mensen nood aan positieve verhalen. Groenen zijn geen doemdenkers. Wij geloven dat de uitdagingen waar we vandaag voor staan een kans zijn om de wereld radicaal om te draaien. Die uitdagingen zijn opportuniteiten om in te zien wat beter kan en vooral wat anders moet.

Groen! is hier klaar voor. Ons economische programma is het laatste jaar enorm sterk uitgebouwd. Al is het ineenklappen van het economische systeem een bevestiging van wat groene partijen al jaren zeggen.

Het liberale denken heeft zijn grenzen. Dat ervaren mensen al langer, maar nu zijn we op volle kracht tegen een van die grenzen gebotst. Met onherstelbare schade als gevolg. De gebrekkige overheidscontrole op schimmige constructies van banken en andere financiële instellingen houdt ons nu al meer dan een jaar in de ban en zal dat wellicht nog lang blijven doen. Sinds de jaren 70 zijn politici bezig met het afbreken van strenge regulering rond financiële instellingen. Wetgeving die nochtans werd ingevoerd na de financiële crisis in 1930 door Keynes en Roosevelt om dergelijke scenario’s in de toekomst te vermijden. Het waren ook de politici die in de jaren ‘90 kozen voor liberaliseringen, meer deregulering, privatiseringen en meer competitie. De essentie van deze crisis is dat banken en andere financiële instellingen in plaats van dienaren van de economie en de samenleving, er de meesters van geworden zijn.

De meest overtuigde believers van de “Vrije Markt” zijn nu de hardste roepers om financiële steun van de overheid. De overheid pompt dan ook miljarden in de banksector. En begrijp me niet verkeerd, dat moet ook gebeuren. We moeten erger voorkomen.
Maar het mag niet zijn dat er niets structureel verandert aan de banken. Het mag niet zijn dat autobedrijven gewoon geld krijgen van de overheid en daar niets voor in de plaats moeten doen. Het mag niet zijn dat we gewoon alles zijn loopje laten.

Bedrijven groeien over landsgrenzen heen en vergaren zo meer macht dan de regeringen van die landen. Zulke grote bedrijven doen met die landen wat ze willen. Ze kunnen ze afdreigen met ontslagen om verschillende maatregelen, zoals strenge milieuregels, tegen te houden. Bedrijven groeien over landsgrenzen heen en verliezen zo het contact met hun werknemers. Ze groeien boven het hoofd van vakbonden, zodat ook deze zielig lijken en hulpeloos staan.
We moeten radicaal kiezen voor een andere economie. Een economie op mensenmaat. Een economie die ten dienste staan van de mensen. Een economie van en voor mensen. Die eerst kijkt naar de wereld rondom hen (milieu, werkgelegenheid, …) en dan pas naar hun aandeelhouders en hun eigen broekzakken.

Groen! en alle andere groenen in Europa en de wereld worden gesteund door VN-secretaris-Generaal Ban-Kimoon in hun vraag om een New Green Deal. Deze grootschalige operatie maakt het mogelijk om de energiecrisis, klimaatcrisis, sociale crisis en economische crisis samen aan te pakken. De ene is immers nauw verbonden met de andere.
Om de economie terug op gang te brengen hebben we investeringen in deze economie nodig. Wij willen de kans grijpen door via sociale en ecologische projecten de economie te vergroenen en zo te investeren in de economie van de toekomst. Via nieuwe energieprojecten worden vele nieuwe jobs gecreëerd. Zo bijvoorbeeld bij isolatie. Door meer huizen te isoleren, creëren we nieuwe jobs, verlagen we de energiefactuur van de mensen zodat hun koopkracht stijgt en verlagen we het verbruik en de CO2-uitstoot.

Hoe gaat dat spreekwoord weer over die 3 vliegen en die klap?

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.

Join 1.638 other followers